Wat ik heb, kan ik geven

In tijden van schaarste is het goed om stil te staan bij wat je hebt. Correctie: het is altijd goed om te kijken naar wat je wél hebt en daar dankbaar om te zijn. Ik heb familie, vrienden, vrienden die ik familie noem, mijn gezondheid. Nu ik met een opsomming begin, realiseer ik me dat het dingen en personen zijn die je gauw voor lief neemt. Ik heb mijn gehoor, ik kan zien, ik kan schrijven, ik kan lezen.

Een leven zonder schrijven en lezen kan ik mij niet voorstellen. Vorige week heb ik mij als vrijwilliger aangemeld bij het Taalhuis bij CODA. Hier worden mensen geholpen die niet, nauwelijks of met veel moeite kunnen lezen en schrijven. Of mensen die de Nederlandse taal niet verstaan en zich dus ook niet verstaanbaar kunnen maken in deze (prachtige) taal. Digibeten zijn hier ook welkom. In de eenentwintigste eeuw is werken met een computer, smartphone of tablet een vanzelfsprekendheid. Maar niet voor iedereen. Helaas voor deze mensen ontkomen ze er niet aan; de maatschappij dwingt ze ertoe. Langzaam maar zeker wordt alles gedigitaliseerd: van belastingaangifte tot zorgverzekering. Deze mensen help ik minder afhankelijk te zijn. Nu digibeten, later hopelijk ook analfabeten en anderstaligen.

Ik kijk naar wat ik heb en naar wat ik kan geven. In dit geval zijn het mijn computer- en taalvaardigheden, mijn engelengeduld en anderhalf uur van mijn tijd in de week. In de eerste instantie wilde ik wachten tot ik mezelf financieel kon onderhouden, maar een goede vriendin van mij zei: ‘De tijd is nu!’ En daar heeft ze helemaal gelijk in. Dit is wat ik nu heb en wat ik nu kan geven. En ik voel me goed!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *